25-08-10

Lectuur

 

IMG_4274.JPG

 

Lectuur: Sprakeloos (Tom Lanoye)

Het einde van deze roman die er geen is, raakt mij: het laf verdwijnen van de woorden in zijn moeder doet hem woedend beloven nooit toe te geven aan die woordenloosheid, die niets anders is dan betekenisloosheid, die uitlevert aan de zinloosheid van louter ademen en zitten en ontlasten en in slaap vallen. Telkens dit leven overgeleverd wordt aan het absurde, wil hij spreken. Nooit meer zwijgen en collaboreren. Vloeken en tekeer gaan tot er toch ergens nog woorden te vinden zijn die willen meedoen, die willen uitdrukken wat uitgedrukt moet worden.

Daarom, inderdaad, is dit boek een woordenroes. Lanoye kan en zal tegen-spreken. Tegen de meest afschuwelijke leegte in wat een wonder van woorden en andere taal was, zijn moeder. Tegen het noodlot, dat hier afasie heet en elders andere ook kille namen krijgt.

Daarom is dit boek geen roman, ik weet niet waarom ze toch altijd weer met een etiket moeten afkomen. Het is een lied dat zingt. Het is een goed gesprek, zoals je dat kunt ervaren als twee mensen echt naar elkaar luisteren. Het is een liefdesverklaring, niet alleen aan zijn moeder, maar evenzeer aan zijn vader, aan de omgeving waarin hij is opgegroeid, aan de taal waaruit hij is opgebouwd. Het is een lang uitgevallen doodsprentje. Het is de stilte van mensen die graag bij elkaar zitten en even graag even stil kunnen zijn. Het is vertellen zoals je, thuiskomend, vertelt van een dag die niet makkelijk was, goddank is er een plek om thuis te komen en vuile kleren en toestanden weg te leggen, in een wasmand, in het vertellen. Het is een lange blik over de schouder, als je maar lang genoeg kijkt kun je nog veel zien van wat ooit was. En als je het goed vertelt, kun je het zelfs voelen, en horen, en proeven...

*

Lectuur: Hartendief (Herta Muller)

Nog een boek dat, zich met woorden en beelden beroezend, tekeer gaat tegen de vernietiging. Maar hier is die sluipend, als een gif dat al in je zit voor je het weet. Enkel je angst weet het al, maar die is zo’n onaangenaam gezelschap dat je lacht en drinkt met je vrienden, of kijkt naar de kleuren van de lucht, of een gedicht van buiten leert dat je mooi vindt. Zo’n is het leven van de jonge Roemeense hoofdpersonen in het boek: terwijl de securitate hen allang met gif heeft ingespoten en het zich kan veroorloven van op een afstand toe te kijken, proberen zij te genieten van hun jong zijn, van hun vriendschap, van hun dromen van een ander leven. Er zijn toch  verraders genoeg die alles overbrieven.

Het is, naarmate je de bladzijden omslaat, een steeds beklemmender verhaal: je voelt als lezer iets van dezelfde klauw rond je keel als de hoofdpersonen moeten voelen. Je voelt dat zij geen keuze hebben, tenzij die twee: stoppen met leven, of emigreren, dat wil zeggen alles achterlaten, ook jezelf...

IMG_4167.JPG

 

De commentaren zijn gesloten.