21-12-10

Gisteren, bij de avondwandeling

IMG_4951.JPG

 

IMG_4995.JPG

 

Gisteren, bij de avondwandeling in de buurt, ons vergaapt aan de opkomende nevel die daar zomaar voor onze neus van op de grond rechtstond, eerst rood en oranje van de ondergaande zon, later steeds blauwer en ook steeds hoger, alsof in de avonduren de wereld een doorzichtig kleed aantrekt, hoewel de mensen uit de verkavelingen alleen oog hadden voor hun welverdiende rust na een dag ploeteren en voor het doorzichtige kleed van de televies. (Hehe, krijgt deze verse zin ook een lekker lang kleed-met-sleep)

En deze morgen lijkt alle licht uit de dag geknepen. Bleke zieke dag. Moeten de mensen zich nog maar eens omdraaien onder de lakens en leven van brood en confiture, moeten ze maar niet allemaal naar het buitenland willen. Om wat te willen? Om uiteindelijk toch weer te keren. Ha! Zinvolheid van het menselijk bestaan.

Commentaren

Blauwziek

Men zegt
dat als de laatste wandelaar is uitgekeken
en weggegaan
de zee gaat staan.

...

etc.

dat ook de zee net

als een mens
dat levende gezichtsbedrog

kan staan
achter een raam.


...

Je liet me terugdenken aan dat wondermooie
'Gezichtsbedrog' uit Blauwziek van Dewulf.

Schrijven is (nog meer dan) kijken.

Dag Guido.

Misschien stonden die verkavelingsmensen
wel achter het raam te staren.
Naar late wandelaars.

Gepost door: Uvi | 21-12-10

ja, overal zijn zeeën, ook in het land
ook in de woorden
en allicht ook in ons kijken
en drie keer zou ik het geen gezichtsbedrog willen noemen...

(niks kwaad over verkavelingen, ik ben er ook verkaveld...)

Gepost door: Guido Vanhercke | 21-12-10

De commentaren zijn gesloten.