03-05-11

De Aanraking (63)

 

IMG_3887.JPG

63.   Zomerdag

 

Dan komt er een moment dat alles teveel is, dat het licht zo uitgerokken wordt dat vormen en grenzen vervagen, dat de warmte alles oplost en dik maakt, dat middagen eindeloos lijken stil te staan, dat je geen vogels meer hoort, geen windvlagen, geen stemmen, dat het blauw witgeschilderd lijkt, de auto’s tegen je opkruipen en niemand nog op je wacht. Zomerdag, teveeldag.

Ik merk dat ik met lege plekken rondloop, in mijn borst, in mijn hoofd. De huid aan mijn vingers vervelt. Je zou verwachten dat je dan adem hebt, en verten, en een nieuwe glans op je handen. Maar niets, ik ben even onbeweeglijk als dit middaguur, even voldaan nietszeggend.

Zo’n eindpunt van een beweging, net voor de slinger terugkeert, net voor er iets verandert, hoe leeg is zo’n eindpunt. Stilstand waar je een akelig gevoel van krijgt. Wachten dat je doet twijfelen aan de zin van wachten, aan al wat je vroeger over wachten hebt gedacht. Irritante dichtbijheid. Volgevreten leegte.

Maar straks rolt de steen weer de berg af, staan mensen te wuiven en te wijzen, help ik ongevraagd zelf mee, toont de wereld hoeveel mimiek zij in huis heeft, hoe een grootmeester schaakt met de tijd. Niet dit armzalige verduwen van uren, maar zetten waar je verrast van opkijkt. Er komt regen en de stad zal glanzen. Er komt kou en de lichten steken op, de cafés worden warm, de deuren gaan met de rug naar buiten staan. Straks wordt er weer kleur in de bladeren gedaan, langzaam, voor de liefhebbers. Straks worden er nieuwe luchten uitgeprobeerd, voor een nieuwe generatie die plots stil wordt van het kijken. Straks rijden de fietsen weer, worden er boodschappen gedaan op het gewone uur, door de gewone gezichten. En als de warmte terugkeert, op late namiddagen met late zon, wil men opnieuw buiten zitten, maar zwijgzamer, om het weten niet te storen. Straks komt het donker weer, het blauwe donker dat niets vergeet, dat niets verliest of verloren heeft, het koele donker, dat bij ons blijft tot we inslapen, dat zolang handen op onze ogen legt, het eindeloze donker. Straks mogen we weer een beetje leren sterven.


De commentaren zijn gesloten.