16-06-11

De Aanraking (85)

 

IMG_3483.JPG

 

85.    Mist

 

Een dag, denkt de oude man, dit is weer een dag. Alsof hij ze niet meer herkent, alsof ze aan hem voorbij lopen zonder te groeten, alsof ze hem op een bepaalde manier aankijken.

En hij heeft niet graag dat gevoel van mist, van onduidelijkheid. Hij wil erbij horen, hij wil grapjes kunnen vertellen, hij wil je mouw kunnen aanraken en zijn doorploegd gezicht dicht bij het jouwe kunnen brengen. De straat is zijn jachtterrein, op zoek naar de zin van zijn leven.

Maar de dag lijkt meer op hem dan hij kan zien. De wolken zijn op aarde gezet en bewegen zich schuw, onopvallend. Over de bomen achter de daken hangt een sluier die hen half onzichtbaar maakt, alsof de zwart-wit foto’s in hun ontwikkelaar zijn blijven steken. En het geluid is ingepakt, watten geluid, dat soms als in een gat slurpend oplost. Tot de stilte weer gaat wegen.

Dat is, denk ik, wat er gaande is in dit oude hoofd. Die loden stilte, die niets heeft van rust, maar suist en drukt tegen de slapen en koude handen op het voorhoofd legt. Die opstand van leegte, die door niets bedwongen kan worden, omdat je niets ziet.

Dan gaat hij drinken, wandelt hij schuw in dat loden lichaam heen en weer in de straat. Misschien dat er iemand uit zijn deur komt, misschien dat er iemand voorbij moet, misschien dat iemand hem ziet. Terwijl de nevel in zijn ogen hangt, de groeven in zijn gelaat dieper trekken, de handen achter zijn rug zijn weggeborgen.

Hij heeft een nette overjas aan, maar zijn woorden zijn versleten. Hij houdt een jong hondje, maar zijn eigen lichaam hangt helemaal stijf aan de lijn.

Zijn er engelen om mee te drinken en moppen te vertellen, tot ze samen omvallen van laveloze stilte, de oude mannen en de volgelopen engelen, drinkebroers die elkaar zien staan in de mist van elke dag en elkaar van ver al groeten, van het begin van de straat? Of zijn er engelen die hem, als jonge verpleegsters, wakker helpen worden wanneer hij maar wil, zijn ogen droog betten en hem toeknikken als hij zegt: weer een dag, is dit weer een dag? Of zijn de honden engelen, zoals ze blijven geloven in elke schim die voorbijkomt en ooit leven was?

De commentaren zijn gesloten.