17-01-12

Mijn wonderen: goede wil...

IMG_3801.JPG

 


Mijn wonderen: goede wil

 

Dit bestaan is te groot en te wild voor een mens. Dit heb ik altijd gevonden, als kind en nu nog. Hoezeer de winkels ook hun best doen om het tegendeel te beweren, in zoveel mensen die daar lopen woedt onmacht, en onbegrip, en zinloosheid. En vaak merk je er niets van, je loopt het ergste verdriet zomaar voorbij .

 En dan heb ik het nog niet over grote omwentelingen: sociale spanningen, geweld in de straat, natuurrampen, doodslag. Als een  maatschappij al heel diep het hoofd moet schudden om al zijn bijeengebrachte kennis en ervaring terug te vinden, dan lijkt een individuele mens helemaal van nul te moeten herbeginnen.

 Oplossingen zijn, een mens vergeet het makkelijk in een rijke maatschappij, bijna luxegoederen. Dat iemand je auto weer aan de praat krijgt of je besmetting geneest, of zelfs dat je met geld eten kunt kopen: misschien moeten we meer beseffen hoe makkelijk die oplossing kan wegvallen. 

En dat geldt nog meer voor de niet-materiële nood. Die is veel minder vanzelfsprekend oplosbaar, niet zozeer omdat er minder hulp is, maar vooral omdat ze verborgener is. Hoe zou je rouwen moeten “oplossen”? En een depressie? Vaak komen mensen niet verder dan verdragen, dan leren leven met. Verdragen dat er pijn is die blijft zeuren. Verdragen dat de spijt om wat verkeerd ging, niet overgaat. Het alleen zijn verdragen... 

Lijdzaamheid is in deze tijden van aanbeden maakbaarheid een besmet woord. Dat er voor problemen geen oplossingen zouden zijn, is ondenkbaar, laat staan dat men iets positiefs zou kunnen zeggen over een soort eelt die helpt te leven met dat onoplosbare. Voor alles moét een oplossing zijn, is het credo, zoniet zoeken mensen een zondebok en leggen alle schuld op zijn of haar rug... Tevelen gaan vandaag op een heel primitieve manier met problemen om, in termen van (bij)geloof (macht-die-alles-moet-oplossen-nu-direct), van schuld (zondebok die vernietigd moet worden), voortdurend gebed om bescherming (via duizenden wetten en voorschriften en verzekeringen). Waar is het evenwicht van de klassieken? De innerlijke kracht waarin de stoïcijnen zich vervolmaakten? Het zorgvuldige genieten van de epicuristen? Er is, denk ik dan, in onze “beveiligde” maatschappij een cultuur van overleven verloren gegaan. Overleven als kunst, waarom leren we het niet aan en van elkaar... 

Beetje vreemd dat ik bij lijdzaamheid uitkom als ik het over een wonder wil hebben. Maar lijdzaamheid is geen synoniem voor hopeloosheid. Lijdzaamheid verbergt misschien wel meer kracht dan ze zelf beseft. Bijvoorbeeld de kracht om te zien wat er wel is. Dat is als levenshouding hoge kunst: zien dat, ondanks het grote gemis, er nog zoveel is dat wel trouw aanwezig blijft. En daar, op een milde manier, dankbaar om zijn. En beseffen dat dankbaarheid een heel speciale manier is van genieten. 

Sterker nog: dat die trouw misschien wel een wezenskenmerk is van alles wat bestaat. Ik noem het goede wil, en met de jaren zie ik steeds duidelijker hoe groot dit wonder is. De dokter die met uiterste nauwkeurigheid mij onderzoekt. De loodgieter die trots is dat hij mij een efficiënte en goedkope oplossing kan bieden voor een lekkend dak. De vriendin die mijn verjaardagen niet vergeet. De boom die al zijn bladeren heeft willen maken. De ouders die kun kind wiegen. Mijn longen die blijven ademen en mijn bloed dat blijft stromen. Een groep mensen die er in slaagt vruchtbaar samen te werken. Hulp die zich aandient bij ongeval. De politieman die nog eens langskomt om te zien “of alles goed is”. Het glimlachende groeten, zomaar. De journalist die feiten zoekt voor zijn verontwaardiging. De politicus die bezeten is van oplossingen, hoe moeilijk en vermoeiend ook. 

Ach, dat er zoveel is dat van goede wil is, niet alleen vanuit zorg voor zichzelf maar ook vanuit zorg voor de ander, dat grijpt mij aan, soms. Dat de ene mens de ander misbruikt, verkracht, vermoordt, ik wil dat niet ontkennen. Maar normaal is het niet, op zijn minst zijn we het daar over eens. Er zit een richting in wat wij mensen willen, een wil die de wereld beter wil maken. Dat is de onderkant van wat wij mensen doen, van die eerste les leren lezen in de lagere school tot het meest gespecialiseerde wetenschappelijke onderzoek. Dat is het criterium waarmee wij daden moreel wegen. Dat is de blik waarmee geschiedenis wil kijken. Dat is de grote betekenis waarnaar religie verwijst. Wij lijken wel zo geschapen, zegt religie, alsof deze wereld een geschenk is van een grote hand. Maar ook: alsof er een stem is die de richting blijft roepen... 

Ik hoef het zo poëtisch groot niet te zien om toch iets van een basisvertrouwen te ontwikkelen. Als ik, empirisch, al die ervaringen van goede wil optel, kom ik uit bij een wondere gedrevenheid, waar ik verder geen woorden voor heb, noch wil hebben. Die diepe goedheid die blijkbaar in bestaan zit, is mij genoeg. Met die vaak tastbare goedheid kan ik overleven. Meer dan dat: kan ik diepe zin vinden. Kan ik uitkijken. Kan ik van wanhoop hoop maken. Kan ik in tijd een bondgenoot vinden, en in geduld, en in aanwezigheid. Kan ik ook leren, beetje per beetje, mij toe te vertrouwen. Aan wie of wat weet ik niet, net zomin als een kind dat weet. Maar dat er liefde is, dat weet het wel.

Commentaren

Dag dichtertje,

zou ik even mogen klagen over dat woordje 'wij'.

Ik hoor het in zinnen als:
"Wij moeten meer werken en minder verdienen".
Deze forse uitspraak kwam uit de bevallige mond
van een vriendelijk ogende dame, de CEO van een bedrijf.

Tijdens de extra uitzending van Terzake over Europa.

Onlangs in Babel met Pat Donnez en Bea Catillon,
ongeveer dit:
'Wij leven te rijk, wij moeten inleveren.'

En toen stuurde ik kwaad deze mail naar Babel:

...
Mensen aub,

Wij, wie is dat? Wij worden rijker. Zijn jullie dat?

Mijn dochter woont met drie kinderen in een flat met anderhalve slaapkamer.
Zij slaapt in de living.

Huur voor een huis op dit woonerf= 1.100 €.
Mijn pensioen is 1.252 €.

Ik erger mij aan dat woordje dat altijd terugkomt.
Wij leven te luxueus ... etc.

Is dat de 'majesteitsvorm'?
...

En hoewel de journalist naar reacties vraagt, krijg je zelfs nog geen teken
van ontvangst toegestuurd.

En dan denk ik ook nog aan die sjieke denker van die denktank:
"Wij leven al jaren boven onze stand. Wij moeten inleveren."

En dan zwijg ik nog over die onheilsprofeet van Knack,
de nieuwe hoofdredacteur, die meent dat hij nog voor Trends bezig is.

...

Wij.

Vooraleer ik en mijn dochter (en vele van mijn stand) geraken aan
dat inleveringsniveau van een heer Devos en Co,
moeten WIJ, vrees ik, nog veel bij krijgen...



PS.
En geloof me, Guido, ik klaag niet voor mezelf.
Ik heb een eigen huis en kom dus ruimschoots rond.

IK wel, ja.

...

Guido, ik hoop dat deze bedenkingen niet ongepast onder jouw tekst staan.
Het is eerder een groet aan de 'lijdzaamheid'.

Gepost door: Uvi | 17-01-12

Ongepast? Nee, getuigend van scherpte van inzicht en taal.
Ik paste mijn tekst aan, zodat die veralgemening er uit zou moeten zijn.

Gepost door: guido | 17-01-12

De commentaren zijn gesloten.