11-03-12

Deuren en poorten

 

IMG_4273.JPG

 

De ene dag: regen tegen de ramen, windvlagen, druppende takken, toegevouwen licht, en ik ben weer terug in de polders van mijn jeugd. In de donkere winters daar, met mensen met hoge ruggen tussen dikke muren, en een binnenste begraven onder verlatenheid. Zoals er teveel ruimte lag tussen en boven en onder alles, in die verten, in die luchten, in die verzopen grond met zijn vele oorlogslijken, zo lag er ook teveel ruimte tussen en in de mensen. Je zag schimmen, je wist schimmen in jezelf. Een seizoen en een land om ongeneeslijk melancholisch te worden, weg willen en toch vastgeklonken blijven. Mijn moeder ging er kapot aan. 

De volgende dag (die van vandaag dus): zon in en door en over alles, en de schimmen worden weggezogen zoals dromen als je wakker wordt. Er zijn wegen, je herkent alles nog, en de mensen hebben weer een gezicht. Ligt het aan de zon? Nee, het ligt aan die overdaad van regen en ingeslotenheid: geef mij een deur die open gaat, en ik wil weer een beetje. En als de zon grote poorten openzet, wil ik een beetje veel.     

(dond 08.03)

De commentaren zijn gesloten.