05-10-12

Beweging, beweging

IMG_5606-1.JPG

 

 

De takken van de bomen rond mijn huis staan nooit stil. Zelfs in het meest windverlaten moment zie ik beweging: een lichte huiver, een eenzaam blad dat zich de voorbije dag herinnert en spastisch natrekt, de spanning in de langste en dunste takken rechtop te moeten blijven. 

Maar in een normale dag is het toch wel biezonder dat zoveel beweging door een boom wil stromen. Nooit gerust is hij, altijd aangeraakt door een onzichtbare maar krachtige aanwezigheid.

De grote takken houden er (door hun ervaring?) nog een soort structuur in: zwiepend van de ene kant is terugkeren naar de andere, buigen is weer rechtkomen. En ze werken vanuit een soort solidariteit, laten elkaar niet los, bewegen zoveel mogelijk samen. 

Maar die kleine blaadjes, ze rillen alle kanten uit, ze schokken en ondergaan het geweld zoals het komt. Er is een vuistje dat hen vasthoudt, dat is hun sterkte. En ze bedanken met alle licht dat ze vangen, tot aan de rand volgelopen. 

Een mens kijkt er niet meer van op, van takken die bewegen. Hoewel het toch opmerkenswaardig is en blijft: wezens zo groot als een huis bewegen constant, terwijl een huis nooit beweegt (tenzij als de aarde beeft). En de straat geen centimeter verschuift, hoogstens wat krimpt onder het geweld van al die autobanden.

Misschien is er meer dat constant beweegt zonder dat wij het zien. Kleren hebben wel iets van takken, ze zijn ook opgetrokken rond een grote stam. Misschien dat, als we beter leren kijken, we de rimpelingen zullen zien in de kleren die mensen dragen, de golven van wind en beweging in broeken en rokken. Misschien voelen onze schoenen wel het draaien van de aardbol, wie weet, zulke gevoelige wezens als schoenen zijn.

Maar dan, van beweging gesproken, die gezichten en handen van de mensen. Nooit zonder beweging, en even opmerkenswaardig. Niet dat er zenuwtrekken door moeten schieten. Niet dat ik het alleen over de gelaatsexpressie heb, hoe kunstig die soms ook is.

Ik heb het over dat zachte trillen van een hoofd. Ik heb het over dat zachte beven van een hand. Ik heb het over het zakken van huid die ouder wordt. Ik heb het over ogen die geen rust kennen. Ik heb het over haar dat wiegt. Over een hand die de andere hand zoekt. Over twee handen die samen wrijven over een gezicht. Het zijn naamloze bewegingen, even naamloos als het slaan van wind in een boom. Maar soms zie je er iets van, onverwacht dichtbij, en dan wil je wel dichtbij blijven en kijken. Of hoe noem je dat gevoel dat zich spontaan teruggeeft. En soort mededogen met wie wij mensen zijn? Ook dat zal wel een grotere beweging zijn in ons. Ook eentje dat nooit stil staat.


IMG_2680-1.JPG

 

De commentaren zijn gesloten.