17-06-13

Het grote luisteren (22&23&24)

IMG_4166.JPG

22

 
De andere kant is Angst. Met een hoofdletter. Geen mensenkind zou overgelaten mogen worden aan zichzelf, zonder een andere leegte om in over te lopen. Geen mensenkind zou overgelaten mogen worden aan enkel zijn lichaam, zo helemaal alleen. Ons lichaam is te klein, te schamel voor zoveel leven dat tekeer gaat.
 
De andere kant is Angst. Angst met een hoofdletter is het wegvallen van elke grond, het vallen in een leegte die niet opvangt. Is de angst voor dit vallen, plots nijpen vuisten je borst samen, stokt de adem in je keel en is je lichaam, je arme lichaam, even hulpeloos als jij. 
 
Als er niemand is op wie geroepen kan worden, dat is Angst. Dat mag je een kind niet aandoen, dat je niemand aandoen. Als het op leven aankomt, zijn wij allemaal kinderen. Er is een leegte, er is een zwijgen die verwoesten. Als er geen groter lichaam is voor ons kleine lichaam, dan kunnen we enkel stikken...
  
 
 
23
 
Ik vertelde van mijn angst aan twee vrouwen, vriendinnen die daar toevallig waren en een vraag gesteld hadden die mij open brak. Ze luisterden, keken, knikten soms, en als ze iets vroegen, was dat net goed genoeg om mij weer verder te duwen. Het stromen en opgevangen worden in die luisterende leegte voelde weldadig aan, het was alsof mijn verhaal op dat moment het belangrijkste van de wereld was.
 
Geluk was het niet. Een andere weldadigheid was het, een die te maken had met mijn diepste betekenis...
 
Het was van zo’n eenvoud, zelfs terloopsheid, dat andere mensen langs ons konden gaan, andere gesprekken naast ons klonken, iemand een fles bier opentrok, iemand lachte. Daar tussendoor kreeg mijn leven weer betekenis. Voor de zoveelste maal...
 
 

24
 
Wat is dat toch: ervaringen van niks, ervaringen zonder naam, die je zo weer in het leven trekken. Ik weet van die ene vriendin dat ze graag in de tuin werkt. Als een soort vriendschap tussen twee die allebei in leven zijn en dat op een vreemde, stille manier delen. Ondertussen toch elkaars zachte aanwezigheid proevend. 
 
Soms zelfs komt het tot een gesprek. Zij ziet hoe de wortels en de takken maanden kunnen wachten, zij vraagt zich af of zij dat ook kan en ziet alleen maar milde aanmoediging naast haar. 
 
Ooit vertelde ze van de man die haar bijna dagelijks opbelt. Het water staat hem aan de lippen, hoe vaak kun je levend dood zijn. Maar dan belt hij even, kort, en een stem aan de andere kant bewijst hem het tegendeel. Bewijst zoveel meer: dat de ene mens wil wachten op de andere, dat er leegte is die ook kan genezen, dat...  
 
Of dan gaat hij weer wandelen met zijn hond. Nog zo’n vrijgemaakt wezen dat zich met graagte laat vollopen met ander leven, alsof het slechts daarom gaat, gedeeld leven...
 
Ervaringen van niks. Die andere vriendin heeft een glimlach die zelfs stenen kan openbreken. Een glimlach: er is geen mooiere uitnodiging van het ene leven aan het andere. Hier is de eenvoud grote kunst geworden...

De commentaren zijn gesloten.