16-05-14

West-Zeeuws Vlaanderen: over kleine en grote lichamen

IMG_9175.JPG

 

West-Zeeuws Vlaanderen: kleine en grote lichamen

Een stel duiven scheert over de daken, donker eerst en, kerend, plots helwit oplichtend, van de glans die op hun borst valt.

Scheren is het juiste woord: ze gaan rakelings langs iets, in een beweging die juist lijkt, juist is, en daardoor ruwheid weghaalt en schoonheid achterlaat.

En dan, op de nok van het dak, een beetje gaan flirten: wat stapjes die geen stapjes zijn, maar uitnodiginkjes, en dan even zien wat de ander daarmee doet.

Tijdens de wandeling: wellicht toch een leeuwerik gezien, met die frenetieke vleugelslag, een beetje wild, net zoals hij zelf zingt. Bird on speed.

Die duiven kunnen ook landen als volleerde passagiersvliegtuigen: zonder vleugelslag dalen, borst vooruit, louter op restsnelheid en zwaartekracht.

4  

De ekster in zijn gothic pak, zwart-wit als levenshouding, en toch hiphoppend zich voortbewegend, je verwacht dat hij het volgende moment op z’n kop gaat breakdancen.  Hij heeft zo’n oog om je kwaaier aan te kijken dan allicht bedoeld, klein hartje maar grote bek, zoiets. En als hij op het laatste moment opvliegt, toont hij al zijn tatoos.

5

Sommige wezens, daar moet je gewoon bij blijven staan of zitten, ze zijn te groot voor je, maar ze verdragen je wel. De zee: dat zo’n massief lichaam toch op z’n plaats blijft liggen, zich kerend en draaiend, dat wel, onrustig als altijd, maar geen dreiging om plots agressief uit te halen. Of de regen die over het dak loopt, een heel leger van infanteristen trekt voorbij, over daken en grond, en je hoort de militaire training in de looppas, en de verbetenheid in de snelheid. Soms stampt er een luider dan de anderen, maar in het algemeen vormen ze één lichaam.

6

En dan de zwaluwen. Hybride straaljagertjes zijn het, gas geven met de vleugels open, energie sparen en ze dichtklappen. Het gaat allemaal zo gezwind, aangeleerd van jongs af en genetisch voorbereid door de voorvaderen. Open, dicht, open, dicht. Was er niet ook een Engelse fighter die zijn vleugels zo schuin naar achteren had? Die kon ook loodrecht landen, dacht ik, misschien dat zwaluwen dat ook kunnen. Maar nooit voor de show. Misschien wel in oorlogstijd.

En dan de kreetjes van het zwaluwvolk. Gezelle maakte ze onsterfelijk, in dat onomatopeeën-taaltje van hem. Zie zie zie, zie zie zie, zie zie zie, / tieren de zwaluwen één twee drie. Het is een perfecte weergave, dat gedicht (Gierzwaluwen), van het zingend gieren van die kleine jagertjes. Ze vliegen laag als de insecten ’s avonds laag hangen, en soms komen ze recht op je af en net als je denkt oei, gaan ze links- of rechtsaf, of hup de lucht in. Voor hen ben je maar een van de vele bomen die wat trillen in de wind. Niks eetbaars, gewoon een wezen op hun radar.

Ach, die zwaluwen, met hun gevorkte staart en zenuwtrekkerig racen. Toen ik klein was hingen de nesten onder aan de daken en keken de kinderen hoe de kopjes van die andere kleintjes boven de rand uitstaken, en piepten om eten. Vandaag zouden de nesten ‘weggesaneerd’ worden, in naam van de God Hygiëne, en hoor ik op de radio dat de Belgische kleine Nobelprijs wetenschappen, de Franquiprijs, toegekend is aan een onderzoeker die ontdekt heeft dat onze afweerstoffen, door al die hygiëne, het noorden kwijt zijn, en in plaats van te reageren op virussen, nu gaan reageren op allergieën.

7

Vergis je niet in die dorpjes hier. Ze lijken ingeslapen, oudjes met ingezakte schouders bij elkaar op de bank, er is weer een dag die lijkt op de vorige, er gebeurt toch niets. Maar net in deze dorpjes golfde vroeger de zee, vochten de Spaanse troepen, kwamen de Noord-Franse Hugenoten binnengevlucht, spoelden tsunami’s over, werd een predikant tijdens zijn eerste kerkdienst doodgeslagen door Roomsen, liet Vader Cats zijn poëzieschrift liggen om nog een stuk land in te polderen, begon hoofdonderwijzer Van Dale aan zijn woordenboek, waaien agressieve winden, rekken hemels zich uit met volle borsten, en varen koppig zwijgend nog altijd schepen met vracht voorbij, vroeger over het Zwin dat nu horizon is geworden, en vandaag over die andere horizon, de grote Noordzee. Mooie namen hebben ze: Hoofdplaat, Ijzendijke, Groede, Waterlandkerkje.

 

 

De commentaren zijn gesloten.