06-08-14

Over het kleine (1)

IMG_0564.JPG

 

1 Ik vraag mij af waarom die kleintjes mij iets doen. Als ik zoiets onopvallends opvallends  tegenkom, dan is het vaak of ik beter de hand kan zien die daaraan gewerkt heeft, schreef ik eergisteren. Alsof de kleine maat beter de situatie oproept van schepping: iemands inval, iemand die een lijn trekt, of een kleur kiest, de zorg waarmee gewerkt wordt, afgewerkt wordt.

Creativiteit op grote schaal verbluft op een andere manier: de zuilen waar het kerkdak op staat, hoog daarboven; dat grote overzicht dat de bouwmeesters gehad moeten hebben; die kennis, van materiaal, van zwaarte, van evenwicht, van verhoudingen, van licht. En toch is het die ene steen na de andere die alles op- en rechthoudt. Maar die ene steen zien we niet. Behalve als de steenhouwer er zijn merkteken in heeft aangebracht. Dan, ja dan zie ik iets oplichten van een man die met zware werkhanden en misschien wel gebogen rug dagenlang, met meetlat en model, aan de steenblok heeft gekapt. Naamloos als iedereen die voor mij leefde en werk achterliet, maar toch, even riep zijn merkteken hem wat dichterbij.

Het enige wat ik, uitkijkend over de straten en huizen van een stad, de bewerkte landerijen daar rondom, kan verzuchten, is: zoveel last verzet door zoveel handen... En dan werkt het kleine voor mij omgekeerd: de boer die de worteltakken uit zijn nieuw aangelegde land een voor een verwijderde, hij is vergeten door wie na hem kwam en de grond omploegde, en zeker door wie van het geteelde graan croissants kan eten, maar hij is er nog, opgenomen in dat grote, samen geleverde werk. Het grote rondom mij, het is uiteindelijk maar de optelsom van al die ontelbare kleinigheden...

Is dit een bedenking die mij dan, daar en nu toekijkend, een vorm van troost biedt? Misschien wel, al was het maar omdat ze de voorbijgaande tijd enigszins buitenspel zet. Misschien ook omdat ik er een collectief mensenverlangen naar opbouwen in zie, veel sterker dan de evenzeer menselijke razernij die van tijd tot tijd moet afbreken. De handen die het opklimmende straatje in Moulins steen voor steen legden, zijn allang verteerd, tot en met hun botten, maar ik loop op hun werk, ik haal al stappend iets van hun verhaal binnen, zonder daarom details te weten, enkel dat wij allemaal mensen zijn, die elkaar ontmoeten voor en na ons, op een manier die eigenlijk wel ontroerend is, als je er even wil bij stilstaan.

Commentaren

zo ervaar ik het eveneens wanneer ik de straatjes van Moulins en dat kleine in Auvergne zie.
Alsof het je naar de keel grijpt van wezenlijkheid, een stem van eeuwigheid is.

Gepost door: bea cannoot | 06-08-14

De commentaren zijn gesloten.