21-04-15

Freek de Jonge

IMG_3688.JPG

 

Zaterdag een magistrale Freek de Jonge gezien in Dilbeek. Een magister, ja, een meester in zijn vak humor: woordgrappen in allerlei gedaantes, lichaamstaal, timing, opbouw, herhaling, tegenstelling, improvisatie (de zebra’s waren nog maar net door Vilvoorde gerend en hij opende er al zijn show mee), zang en mime, zelfs de enkele verspreking in twee uur tijd was bron van ad remmigheid.

En  de zaal, die dronk uit zijn hand.

Maar wat mij het meest raakte, was het moment, naar het einde toe, dat hij stil werd en vertelde dat zijn vrouw (ik wijs spontaan naar achteren, zei hij, omdat zij daar zit) en hij dertig jaar geleden een kind hadden verloren. En hoe hij toen al zo met zijn carrière bezig was, dat hij het verdriet nooit heeft kunnen toelaten. Identiteit en imago, het was een thema in zijn vertellen geweest, die avond. Ik zat gevangen in mijn imago, zei hij.

En toen vertelde hij dat ze verleden jaar hun oudste kleinkind hadden verloren, een meisje van zeven, dat al een operatie nodig had vlak na de geboorte, en toch nog zeven was geworden. Dat kind heeft mij mijn gevoelens teruggegeven, zei hij. En de zaal was muisstil. Hij vertelde hoe ze bij haar verjaardag, bij het zingen van ‘lang zal ze leven’, haar handje op zijn arm legde en fluisterde: dat vind ik niet zo’n leuk liedje, opa...

En hij liep naar de micro, en met zijn muzikanten zong hij: waar kan ik heen met mijn verdriet? Ik kan het niet alleen...  Hij moest het ons vertellen, Freek de Jonge, elke avond opnieuw vertelt hij het aan die volle zalen die hij trekt. Zoals ik het hem ook al hoorde zeggen vorig jaar, toen hij drie uur lang televisie vulde als gast in het programma Zomergasten.

Voor sommige levenservaringen is er geen ander antwoord dan het duizend keer vertellen, in de hoop op duizend keer liefdevol beluisterd te worden. Tot het verdriet niet weggaat, nee dat zeker niet, maar zacht wordt, zacht en zelf liefdevol...

De commentaren zijn gesloten.